TERUG / HOME

Stichting Vrijwilligersproject EXPLOKART


portrait

Peter van der Krogt

Lezingen over Oude Kaarten

Y
De lezingen zijn gericht op een geïnteresseerd maar niet noodzakelijk ter zake kundig publiek, en daarom geschikt voor historische verenigingen e.d. De duur van de lezing is gemiddeld anderhalf uur, waarbij nog een korte pauze. Ze zijn daarom geschikt voor een avondprogramma, dat gewoonlijk om 8 uur begint en om 10 uur afgelopen is.

U kunt kiezen uit diverse lezingen - een overzicht staat hieronder op de pagina. Zo veel mogelijk worden de in de lezing gebruikte voorbeelden uit Uw eigen omgeving gehaald, zodat de toehoorders ook hun eigen omgeving beter leren kennen.

Voor de lezingen kan een honorarium gerekend worden, vermeerderd met reiskosten per auto, à 19 ct. per kilometer, gerekend vanaf Delft. Bij afstanden van meer dan 150 km van Delft kunnen ook overnachtingskosten in rekening gebracht worden. Wilt u Peter van der Krogt als spreker neem dan contact op met

Lezingen over Oude Kaarten, Atlassen en Globes

K1.
Blaeu's Atlas Maior als hoogtepunt van de atlascartografie

Eerst wordt ingegeaan op de vraag wat een atlas eigenlijk is. Daarna komt de geschiedenis van de atlas aan bod. De eerste 'echte' atlas is het Theatrum Orbis Terrarum van Abraham Ortelius, uitgegeven in 1570. Nederlandse uitgevers, eerst in Antwerpen en vanaf ca. 1600 in Amsterdam zijn einde 16de/eerste helft 17de eeuw marktleiders op het gebied van atlassen. Hoogtepunt is de uitgave door Joan Blaeu van de Atlas Maior in 1662. Elf grote folio banden met ongeveer 600 kaarten.

De lezing is rijk geillustreerd met vele kaarten, vooral uit de Atlas Maior.

K2.
De Aarde is Rond! Aard- en Hemelglobes van de Oudheid tot in de 18de eeuw

Een globe is een verkleind model van een hemellichaam of van de sterrenhemel met kaartopdruk. Men onderscheidt o.a. 1) aardbol, aardglobe; 2) maanglobe; 3) hemelbol, hemelglobe of sterrenglobe. Aard- en hemelglobes kregen hun grote algemene bekendheid nadat in het begin van de zestiende eeuw een methode was ontwikkeld om het kaartbeeld ervan door middel van de drukpers te vermenigvuldigen.

In de lezing wordt kort ingegaan op de geschiedenis van aard- en hemelglobes in de oudheid en de middeleeuwen. Waren er in de Middeleeuwen aardglobes of dacht men toen dat de aarde plat was. Op die vraag zal ook een antwoord worden gegeven. Daarna wordt de geschiedenis van de productie van globes van de 16de tot en met de 18de eeuw behandeld, met een bijzondere nadruk op de productie ervan in de Nederlanden. De fabricage van globes in de Nederlanden vond plaats vanaf de vroege zestiende eeuw. Een uitzonderlijke bloei beleefde deze tak van kartografische produktie in de eerste helft van de zeventiende eeuw in Amsterdam. Met name de produktie van de globefabriek van Willem Jansz. Blaeu, die onder zijn opvolgers meer dan honderd jaar standhoudt, heeft de Nederlandse globe een wereldfaam gegeven.

Wie maakten die globes? Wat kon men met een globe doen? Wat staat er allemaal op?

De lezing wordt vanzelfsprekend rijk geillustreerd met een powerpoint-presentatie.

K3.
Van Ptolemaeus tot de Topografische dienst: De kartering van Nederland

De oudste kaart waar Nederland op staat dateert al uit de Oudheid. Deze kaart toont slechts enkele rivieren en steden. Pas in de loop van de 16de eeuw komen er meer nauwkeurige kaarten van het Nederlandse grondgebied, eerst in de tweede helft van de 19de eeuw is het hele koninkrijk nauwkeurig gekarteerd in de zgn. Stafkaarten en Bonneblaadjes.

In deze lezing wordt ingegaan op deze bijna 2000 jaar kartering van Nederland. Diverse kaarten worden besproken en getoond. Omdat oude kaarten tijdgebonden uitdrukkingsmiddelen zijn, die we niet zonder kennis van hun context kunnen gebruiken, zullen we voor een volledig begrip ervan de toenmalige opvattingen bij het vervaardigen van kaarten te achterhalen. Wie waren verantwoordelijk voor het verzamelen van de informatie? Hoe is deze informatie verzameld? Voor welk doel werden de kaarten gebruikt?

Het raakvlak van de historische cartografie met andere vakgebieden en wetenschappen is zeer groot. Een belangrijk onderdeel is dat ook de vraag hoe tegenwoordig oude kaarten als historische bron gebruikt kunnen worden. Wat mogen we wel en wat mogen we niet uit oude kaarten aflezen.

De lezing wordt vanzelfsprekend rijk geillustreerd met een powerpoint-presentatie, waarbij zo veel mogelijk voorbeelden uit de omgeving worden gebruikt.

K4.
De stad in beeld: stadsplattegronden en stedenatlassen uit de 16de tot 18de eeuw

In de 16de eeuw waren de steden de belangrijkste machtsfactor. Als je een stad in je bezit had, dan had je het gebied. Steden werden daarom voorzien van uitgebreide versterkingen en fortificaties. In steden was ook de economische macht geconcentreerd. Koning Filips II gaf dan ook opdracht om plattegronden van alle steden van de Nederlanden te maken, zodat zijn legers wisten wat ze konden verwachten. Door midden van een afbeelding van de stad - een stadsgezicht, een vogelvluchtgezicht of een plattegrond - kon de stad zich echter ook presenteren en laten zien hoe sterk en hoe machtig ze was. De Keulse kanunnik Georg Braun en de graveur Frans Hogenberg speelden op dit toenemende zelfbewustzijn van steden in door een verzameling plattegronden, stadsgezichten en beschrijvingen in atlasvorm uit te geven. Maar, het nauwkeurig afbeelden van de stedelijke versterkingen kon ook een gevaar betekenen: ook de vijand kon de stedenatlas kopen. In de 17de eeuw werd dit voorbeeld van Braun & Hogenberg gevolgd door Joan Blaeu en Janssonius, terwijl ook de steden zelf indrukwekkende grote plattegronden lieten vervaardigen.

De lezing wordt vanzelfsprekend rijk geillustreerd met een powerpoint-presentatie, waarbij zo veel mogelijk voorbeelden van Uw eigen stad of een stad in de directe omgeving worden gebruikt.

K5.
De Wereld in Kaart

Wat is een oude kaart eigenlijk? Wat heb je aan een oude kaart voor historisch onderzoek?

In de tijd zonder luchtfoto's en zonder GPS is men er toch in geslaagd een beeld van de omgeving of zelfs van de hele wereld te krijgen en in kaart te brengen. In deze lezing wordt behandeld hoe in het verleden kaarten werden gemaakt met behulp van plaatsbepaling op zee en met behulp van landmeettechnieken op het land. Ook de druktechnieken komen aan bod.

De lezing wordt vanzelfsprekend rijk geïllustreerd met een powerpoint-presentatie, waarbij zo veel mogelijk voorbeelden uit de omgeving worden gebruikt.

K6.
Gerard Mercator en de eerste atlas

Gerard Mercator (1512-1594) is de grootste wetenschappelijke kartograaf uit de Renaissance. Niet voor niets noemde zijn tijdgenoot Abraham Ortelius, uitgever van kaarten en atlassen, hem in 1570 de `Ptolemaeus van onze tijd'. Ook in onze tijd, 500 jaar na zijn geboorte, leeft Mercator voort in de kartografie: de projectie die hij voor zijn wereldkaart van 1569 koos heet thans nog steeds Mercatorprojectie, de naam Atlas die hij aan zijn in boekvorm gebonden reeks kaarten gaf, is de naam geworden voor elk boek met kaarten of platen, en de fraaie cursieve letter die hij gebruikte voor de plaatsnamen op zijn kaarten bleef eeuwenlang in gebruik voor het kaartschrift.
In een actieve periode van ruim 55 jaar heeft Mercator niet eens zo bijzonder veel kaarten geleverd. Latere, 17de-eeuwse uitgevers, overtreffen hem daarin vele malen. Maar de vernieuwingen die hij in zijn kartografische produkten invoerde, maken het geringe aantal van die produkten meer dan goed.

In de lezing wordt het leven van Mercator en de door hem gemaakte kaarten, globes en atlassen gepresenteerd. De lezing is rijk geïllustreerd met een powerpoint-presentatie, waarin alle door Mercator gemaakte kaarten getoond worden.

K7.
Cartografische mythes: De Platte Aarde en Noord Boven

Kreeg Columbus op zijn ontdekkingsreis te maken met een muitende bemanning die bang was over de rand van de'platte aarde' te vallen?. Beweerde de kerk dat de aarde plat was? Geen van beide is waar, maar als je het vaak genoeg leest, ga je vanzelf denken dat die middeleeuwers ťcht geloofden dat de aarde er uitzag als een platte pannekoek…

Als je dan weet dat de aarde bolvormig is, wat is dan de bovenkant? Een 'natuurlijke' oriŽntatie van kaarten bestaat niet. 'Noord boven' is wel wijdverbreid en om die reden handig om aan te houden. Behalve als je een goede reden hebt een andere windrichting boven te zetten.

 

Lezingen over Standbeelden en Monumenten

S1.
Buitenheiligen: kerkelijk erfgoed in de openbare ruimte

De lezing gaat over beelden van heiligen die je vanuit de openbare ruimte kunt zien. Dat zijn dus niet alleen de beelden aan gevels van kerken, maar ook losstaande beelden, zoals de Heilig Hartbeelden.

In de lezing wordt eerst ingegaan op de geschiedenis van heiligenbeelden aan gevels van kerken, met daarbij de beeldprogramma's aan ingang van kathedralen en andere kerken. Ook heiligenbeelden op kerkgevels zijn volgens een bepaald programma aanbracht. Andere plaatsen waar je heiligenbeelden aantreft zijn huisgevels (vooral in Duitsland) en losstaande beelden op kerkpleinen e.d. Specifiek wordt ingegaan op de voorstellingen van Christus (Heilig-Hartbeelden) en Maria. Afgesloten wordt met 'Buitenheiligen van A tot Z' - een selectie van voorstellingen van 26 heiligen, meest in Nederland, waarin de grote verscheidenheid van afbeeldingen aan de orde komt.

NB De lezing behandelt de kunsthistorische aspecten van de beelden van heiligen - religieuze aspecten van heiligenverering komen niet aan de orde. De lezing is dan ook niet specifiek toegespitst op een R.-K.-publiek.

S2.
1492 - 1792 - 1892 - 1992 Standbeelden voor Christoffel Columbus wereldwijd

De eerste officiŽle erkenning van Columbus als de "ontdekker" van Amerika in de vorm van een monument was de obelisk die in 1792 in Baltimore werd opgericht ter gelegenheid van 300 jaar ontdekking. Rond deze tijd is de nieuwe hoofdstad van de Verenigde Staten officieel 'District of Columbia' genoemd om diegenen tevreden te stellen die het land naar Columbus hadden willen noemen. In de 19de eeuw worden in Amerika en in Europa tientallen monumenten voor Columbus opgericht. Het hoogtepunt was in 1892 door het vierde eeuwfeest van de ontdekking. Het hoogtepunt van die viering was de World's Columbian Exposition in Chicago. In de 20ste eeuw, met 1992 als hoogtepunt, zijn honderden monumenten geplaats, vooral door Italiaanse gemeenschappen in de Verenigde Staten om hun landgenoot te eren, die de Nieuwe Wereld had blootgelegd. Buiten Amerika zijn Columbus standbeelden vooral te vinden in Spanje en ItaliŽ. In Nederland zijn geen officiŽle Columbusmonumenten te vinden, maar wel diverse naar hem genoemde straten.

De lezing wordt geïllustreerd met een powerpoint presentatie met foto's en oude ansichtkaarten van Columbus-monumenten.